Raceverslag: Terugblik op Dam tot Damloop 2017

Ik sta voor mijn eettafel. Voor me ligt als het goed is mijn volledige strijdkostuum, inclusief alle benodigde wapens. Ik loop voor de zekerheid voor de zesde keer mijn lijstje “Alles wat ik mee moet nemen naar de Dam tot Damloop” in Evernote na. Shirt, broek, sokken, onderbroek, zweetbandje, sportriem, oordopjes, horloge, tasje voor kleding, startnummer. Alles ligt op tafel. Wacht…. Kak, waar zijn mijn veiligheidspeldjes?

Dam tot Damloop 2017 outfit

Het is zaterdagavond. De avond voor de grote dag. En over kak gesproken. Als ik terug kom, check ik nog één keer alle spullen die voor me op tafel liggen. Alles ligt er nu, de speldjes zaten in het tasje. Ik knip het licht uit, ga nog één keer naar de wc en duik mijn bed in om een uur later mijn ogen te sluiten. 

Raceday

De ogen gaan weer open. Ik knipper een paar keer en kijk op de wekker: 6:30 uur. Ik voel langzaam de spanning opkomen. Ik kom in beweging. Vandaag ga ik 16,1 kilometer hardlopen. Van Amsterdam naar Zaandam. Het verste wat ik ooit gelopen heb. Met het hart licht kloppend in mijn keel eet ik, inmiddels met hardloopkleding aan, een boterham om daarna op de fiets te springen richting station Amersfoort. De reis gaat vandaag per trein. Aangekomen op station Amersfoort loop ik richting Perron 7. Het is er koud en vlug loop ik de wachtruimte van het perron in. Leeg. Op vier mensen na. Mensen met veel te strakke dunne lange broeken en felgekleurde schoenen. Mensen zoals ik. Mensen die vandaag ook om 6:30 uur opstonden om rond 11:30 uur te vertrekken voor de voetreis van Amsterdam naar Zaandam.

Ik neem plaats op het bankje naast ze en luister. Gesprekken over hardlopen. Wie het verst heeft gelopen en hoe ongelooflijk snel dat wel niet ging. Vandaag wordt er natuurlijk een dikke PR gelopen! Ik lach erom en pak een banaan uit mijn tas. Beetje vroeg, maar ik heb honger. De schil belandt met een mooie slinger net niet in de prullenbak. Ik zie de trein naar Amsterdam langzaam het perron op komen rijden. Nadat ik de schil in de prullenbak heb gegooid – ik ben geen aap- stap ik de trein in. Ik weet niet wat ik zie. De hele trein zit vol Startnummers. Geen “normaal” mens te zien.

Ook bij aankomst op Amsterdam Centraal een klein uur later zie ik alleen maar hardlopers. De één nog vlotter gekleed dan de ander. Na het inleveren van mijn gewone kleding bij één van de PostNL vrachtwagens die dit hopelijk voor mij naar Zaandam zal rijden, loop ik richting het VVV kantoor waar ik me aansluit bij het team van het NSGK – het goede doel waar ik vandaag voor loop. Na een uur wachten en lekker kletsen met teamleden – die goeie tips geven over het parcours – lopen we langzaam richting het startvak. Na 5 minuten op en neer springen als een 20 jarige Zumba tut, klinkt eindelijk het startschot.

0 – 10 kilometer

We zijn vertrokken. Nu bij de les blijven. Me niet laten meeslepen door de rest. Ik zie overal om me heen snelle dunne beentjes over het asfalt schieten. Niks van aantrekken. Eigen tempo blijven lopen. Starten met 7 minuten per kilometer en als ik na 10 kilometer nog steeds van de partij ben, langzaam iets opvoeren. We lopen de eerste bocht naar links richting de IJ-tunnel. Ik kijk om me heen. Mijn team is nergens te bekennen. Die lopen allemaal al in de tunnel waarschijnlijk. Geen probleem, ik ben hier vandaag om te genieten. Ik focus me even op mijn lijf – ademhaling, voeten, benen, houding – dit gaat lekker. Nergens pijntjes en de ademhaling en voetjes gaan mooi samen op. Nog een bocht en daar zie ik hem opdoemen. De IJ-tunnel. Dit is best even een spannend moment jongens, duimen mag. Ik train namelijk altijd vlak, dus dit wordt de eerste keer flink omlaag en – hopelijk – flink omhoog. Maar dan loop ik de tunnel in en hoor waarom dit voor velen het hoogtepunt van de damloop is. De trommels. Wat een ervaring! Alsof ik langzaam van de grond getild wordt en op een soort deken van galmend tromgeroffel de tunnel door glijd. Kippenvel. Wat fantastisch is dit.

Als ik even later weer buiten ben, loop ik nog steeds met een glimlach van oor tot oor. Ik passeer de eerste uitvallers die zich hebben laten opjagen door het ritme van de muziek en nu hijgend als een postpaard buiten adem in de berm liggen. Amateurs.

We lopen nu met zijn allen rustig verder over de snelweg. Ja je leest het goed, we lopen over de snelweg, die speciaal voor deze gelegenheid is afgezet – hoe tof is dat. Ik zeg met zijn allen, maar als ik zo voor me kijk, zie ik Metzijnallen steeds verder van me vandaan lopen. Ga ik echt zo langzaam? Ik kijk op mijn horloge – nog steeds rond de 7 min/km. Ik word toch een beetje zenuwachtig. Wat als ik straks helemaal achteraan loop? Of erger; dat iedereen straks bij de finish al aan het opruimen is en ik een keer binnenkom. Alleen nog vriendelijk toegeknikt door de man die de plastic bekertjes met zijn bezem bijelkaar veegt. Nog drie lopers, nog twee, nog een, nog…. Ineens houdt het op. Ik word niet meer ingehaald. Metzijnallen verdwijnt inmiddels de snelweg af en ik loop alleen. Ik durf niet achterom te kijken, te bang voor wat ik zal zien, namelijk niemand. Of zombies natuurlijk. Want eerlijk is eerlijk, loop je alleen op een snelweg, dan is de kans vrij groot dat er een horde zombies achter je loopt. Kijk achterom Wes, kijk achterom. Vlak voordat ik met een ruk wil omdraaien, word ik links ingehaald door een loper. Een levende gelukkig. Ik draai me om en zie overal waar ik kan kijken lopers. Honderden lopers. Ik haal opgelucht adem en we buigen met zijn allen de snelweg af.

Dam tot damloop met zombies

Vanaf hier is het eigenlijk voornamelijk genieten. Ik loop over dijken en door kleine dorpjes en overal staan bandjes, dj’s met draaitafels (sorry ik ben 40, waarschijnlijk hadden ze een laptop). Cafe’s met op de stoep veel te beschonken, dansende dikke dames. Met in de ene hand een peuk en in de andere een biertje. Neem het ze kwalijk, er gebeurt hier eindelijk eens wat!

10 kiLometer

De kilometers vliegen inmiddels voorbij. Wat een gave loop is dit! Langs de provinciale weg waar we langs komen, staat de hele berm vol met geparkeerde auto’s en word ik aangemoedigd door tientallen dol enthousiaste bermelingen. Ondanks de lange afstand voelen mijn benen fit en dankzij de vele waterposten en lieve mensen die onderweg vers fruit staan uit te delen blijft de water- en energievoorraad goed op pijl.

Krijg nou tieten! Daar is het 10 kilometer bord al! Dit gaat echt wel lekker zeg. Korte check: ik voel me nog steeds hartstikke fit. Wat zal ik doen? Gas erop en het risico lopen dat ik mezelf kapot loop? Ik check mijn horloge: Ik loop nog steeds netjes hetzelfde tempo. Ah, kom op opa; rollator aan de kant en gaan!

Ik versnel flink wetende dat ik dit nog een half uurtje moet volhouden. Ik pak wat energiedrank aan van een dame bij de drinkpost, gris twee stukjes banaan van een schaal en sla links af de dijk op richting Zaandam.

Inmiddels ben ik aanbeland bij kilometer 15. Ik versnel nog een laatste keer – mede mogelijk gemaakt door Isostar en Chiquita – en steven vol gas af op de finish. We lopen het centrum van Zaandam in en de straten staan vol juichende mensen. Dit is focking awesome! Hoe moe ik inmiddels ook ben, ik druk mijn playlist uit en geniet van de hele entourage. Met de tong op de schoenen zie ik de finish dichterbij komen. In een laatste stuiptrekking gooi ik mezelf langs twee teamgenoten de finish over. Ik kijk – terwijl de medaille om mijn nek wordt gehangen – op mijn horloge: 1:52:18. Ik bel mijn vrouw en vertel trots dat het me gelukt is. Acht minuten sneller dan mijn streeftijd! Ik hang op en met nog steeds een brede glimlach, slof ik rustig richting het station.

Op de terugweg zit ik nagenietend in de trein tegenover een ouder stel in hardloopkleding. Allebei voorzien van een damloop medaille. We raken aan de praat en de hele treinreis gaat over niets anders dan gelletjes, blaren, de mooiste loopjes en hoe snel dat wel niet ging. Ik geniet van elke minuut. Ik ben een hardloper.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *